Nieuw gedicht Dorpsdichter: Al krabbelend kabbelen we voort

5 januari

Lees het nieuwste gedicht van dorpsdichter, Amanda van Diemen.

Schrijven

Hoopvol richten we ons op het nieuwe jaar
Zoals we dat al jaren doen in het boek dat ons leven heet
En terwijl op de huidige pagina een hevige winterse woordenstorm woedt
Staan we daar -in januari- ineens oog in oog met de serene stilte van het onbeschreven blad
Met in het verschiet het grote niets dat ongeduldig ligt te wachten tot we er iets van maken
We voelen de tijd in onze nek hijgen
Vergezeld door het verstikkende gevoel van spijt van alle kansen die we hebben laten schieten wegens gebrek aan ruggengraat of welk ander zwak excuus dan ook
En dus bladeren we vol goed valse moed door al die lege pagina’s
Die we spoedig zullen beschrijven
Bekrassen
Besmeuren
Afscheuren
Opfrommelen
Verbranden
Tot het er net zo uitziet als ons vorige levenswerk
Waarin we meestal niet eens de moeite namen om onze zinnen te beëindigen met een punt
Laat staan dat we een hoofdstuk fatsoenlijk afrondden
Nee
Liever lonken we onverrichter zake naar het lege blad
Niets geeft immers meer levenslust dan het idee opnieuw te kunnen beginnen
Om al het geraaskal achter ons te laten
De struikelzinnen
Het slechte plot
Oh, tabula rasa
De zoete verleiding van de valse hoop
En zo boetseert de schrijver in ons op de stilistiek van die zoveelste nieuwe eerste zin
Die ene, perfecte zin
Die leidt naar de volgende
En de volgende
En de volgende
Ieder jaar opnieuw schrijven we de rest van ons leven
Met onze beste pen
Op ons mooiste blad
In ons schoonste schrift
Hoopvol
Verwachtingsvol
Gedreven
Totdat de eerste fout zijn intrede doet
En we onszelf wederom moeten vergeven
Voor de zoveelste mislukking die ons magnum opus had moeten zijn
Continu beginnen we nieuwe hoofdstukken
Al krabbelend kabbelen we voort
Gedoemd tot levenslange feilbaarheid
Want alle pogingen ten spijt
We zijn slechts van ‘t menselijke soort

Ga naar het begin